Hoofdstad van de
gelijknamige provincie, ligt schilderachtig aan de voet
van de Bergamasker Alpen tussen de rivieren de Brembo en
de Serio.Bergamo
Gewest: Lombardia. Provincie: Bergamo (BG). Hoogte: 247368
m.—Aantal inw.: 140000

De stad bestaat uit de tegen de heuvel opklimmende oude stad
met smalle, bochtige straatjes en de in de jaren 1561-1592
aangelegde bastions, én de nieuwe benedenstad in de
laagvlakte met moderne architectuur en een bloeiende
industrie (textiel, cement en grafische industrie).
GESCHIEDENIS.—De oude Gallische nederzetting die in
200 v. Chr. vermeld wordt als het Romeinse Municipium
Bergomum, kreeg pas in de tijd van de Longobard en grotere
beteken is. D e stad sloot zich in 1167 bij de Lombardische
stedenbond aan, kwam in 1264 aan Milaan en hoorde van 1428
tot 1797 aan Venetië.
BEZIENSWAARDIGHEDEN. — Middelpunt van de BENEDENSTAD
(Città Bassa; 247 m) is de, met plantsoenen en monumenten
verfraaide, Piazza Matteotti en daaraangrenzend de
monumentale Piazza Vittorio Veneto. Aan de andere (zuidoost)
kant van de Piaza Matteotti de twee classicistische poorten
van de Porta Nuova (*gezicht op de bovenstad), waar de Viale
Papa Giovanni XXIII, die naar het station loopt, begint.
Deze straat vormt samen met de bij de Piazza Vittorio Veneto
beginnende Viale Vittorio Emanuele, die naar de bovenstad
voert, de hoofdverkeersader van de stad.
Oostelijk van de Piazza Matteotti aan de drukke Allee
Sentierone het Teatro Donizetti; aan de aangrenzende Piazza
Cavour een monument voor de in Bergamo geboren componist
Gaetano Donizetti (1797-1848) . Aan het noordoosteinde van
de Sentierone de San Bartolomeokerk (17de eeuw, voorgevel
uit 1901); binnen zijn mooie koorbanken te zien en achter
het hoogaltaar een *Madonna met tien heiligen (1516), een
belangrijk werk van de schilder Lorenzo Lotto.
De bij de San Bartolomeo beginnende Via Torquato Tasso voert
naar de Santo Spiritokerk met een Madonna met vier heiligen
van Lotto.— Niet ver hiervandaan staat in de steile Via
Pignoli het kleine kerkje San Bernardino in Pignolo (in het
koor een tronende madonna van Lotto, 1521). In dezelfde
straat verschillende palazzo's met mooie renaissance
binnenplaatsen. In de Via Santo Tomasso, een rechter
zijstraat van de Via Pignolo, staat het paleis van de
Accadémia Carrara met kostbare schilderijenverzameling (o.a.
werken van Lotto, Palma Vecchio, Moroni, Carpaccio, lac. en
Giov. Bellini, Titiaan, Veronese, Raffaël, Botticelli,
Crivelli; voorts van Durer, Cranach, Rubens, van Dyck en
Ciouet).van de Accadémia carrara gaan trappen naar de Porta
San Agostino.
Van de Piazza Vittorio Veneto loopt de Viale Vittorio
Emanuele II langs het benedenstation van de funiculaire
onder de Porta San Agostino door naar de B0VENSTAD (Città
Alta; 325368 m). Van de Porta San Agostino rechtuit (rechts
de San Agostinokerk), dan links verder en steil naar boven
de via di Porta Dipinta volgen (langs de San Michele al
Pozzo Bianco en de Sant'Andrea, beide mooie kerken) naar de
Piazza Mercato delle Scarpe waar het station van de
funiculaire is. Van hier rechts de Via Rocca bergopwaarts
volgend komt u bij de Rocca (12de15de eeuw) met het Museo
del Risorgimento (vaderlandse geschiedenis) en de kerk Santa
Eufemia.
Van de Piazza Mercato delle Scarpe voert de smalle Via
Gombito met de 12deeeuwse toren (Torre dei Gombito) naar de
Piazza Vecchia, die met het nabije domplein het
stedebouwkundige middelpunt van de bovenstad vormt. Tussen
de Piazza Vecchia en het domplein ligt het Palazzo della
Ragione (12de eeuw, in de 16de eeuw verbouwd) ofwel Broletto,
met een prachtige open zuilenhal; daarnaast staat de hoge
Torre Civica (lift). Aan de noordzijde van de Piazza Vecchia
vindt u het Palazzo Nuovo (openbare bibliotheek), dat
gebouwd is in laatrenaissancestijl. Aan de westzijde de
Università di Lingue.
Op het domplein de kerk "Santa Maria Maggiore", in 1137 als
Romaanse basiliek gebouwd, met een trapsgewijs opgebouwde
vieringtoren en een fraaie koorpartij. Aan de zuid en
noordzijde staan leeuwenportalen met mooie gotische
baldakijnen (1351 en 1380). Binnen bezienswaardige
Italiaanse en Vlaamse wandtapijten en renaissance
koorbanken. Naast de kerk de Cappella Colleoni, de grafkapel
die Bartolomeo Colleoni in de jaren 1470-1476 in
Lombardische vroegrenaissancestijl liet bouwen. De kapel,
die een rijk bewerkte marmeren voorgevel heeft, herbergt de
graven van Colleoni en zijn dochter Medea (> 1470), beide
werken van Amadeo; de plafondschilderingen zijn van Tiepolo
(1732). — Rechts van de Colleonikapel het Baptisterium uit
1340 dat oorspronkelijk in de Santa Maria Maggiore stond en
in 1898 hiernaartoe verplaatst werd. Tegenover de doopkapel
staat de dom Sant'Alessandro (1459, koor van 1560, nieuwe
koepel en voorgevel) met schilderingen van Tiepolo en
Bellini.
Van de Piazza Vecchia voert de smalle Via Colleoni in
noordwestelijke richting naar de citadel (natuurkundig en
archeologisch museum). I5aarachter de Porta Sant'Alessandro
(de funiculaire die van hier vertrekt brengt u in 5 minuten
naar het uitzichtpunt Colle San Vigilio), vanwaar de Viale
delle Murale over de zuidwal (mooie vergezichten) naar de
Porta San Giacomo voert, de mooiste poort van de stad, en
vandaar terug naar het uitgangspunt van de wandeling, de
Porta Sa n Agosti no .
OMGEVING van Bergamo.—24 km noordelijk van de stad
ligt in de Bergamasker Alpen het mineraaibad San Pellegrino
Terme (355 m. dat zowel vanwege zijn mooie ligging in het
bosrijke dal van de Brembo als vanwege het aangename klimaat
veel als bronbadplaats wordt bezocht. Zeer bekend is het
vooral door het voor lijders aan jicht en maag, blaas en
leverkwalen zeer heilzame mineraalwater, dat uit drie
bronnen (27c op de rechter Bremboever ontspringt (Kurhaus
met drinkhal; Kursaal met casino en schouwburg). Van de
Kursaal gaat een funiculaire in 10 minuten de San Pellegrino
Vetta op (750 m; restaurant).
|