Het oude, maar nog steeds levendige stadje
Bassano ligt aardig aan de
noordrand van de Povlakte
tegen de voet van de Vooralpen
aan de rivier de Brenta
(ten noordoosten van Vicenza).

prov. Vicenza 128 m; 37.382
inw.
Karakteristiek zijn de
talrijke oude straatjes met hun galerijen (portici),
maar ook zijn er verschillende interessante bouwwerken te
bewonderen. Aan de Piazza Garibaldi, het
centrum van de stad, beheerst door de middeleeuwse
kasteeltoren 'Torre di
Ezzelino', treft u de
gotische kerk van San Francesco
(13e-14e eeuw, fraaie fresco's)
aan en daarachter het Museo Civico (geopend -12
en 15-18 uur, zaterdag en zondag alleen 10-12
uur, maandags gesloten), dat een verzameling keramiek en
schilderwerken herbergt van de
schildersfamilie Bassano (eigenlijke naam Da
Ponte) waarvan Jacopo de belangrijkste
kunstenaar is (1510-1592).
Aan de Piazza della Liberta, hier dicht bij,
bevindt zich het Palazzo del
Municipio (l 5e-l 7e eeuw)
en de imposante San Giovannikerk
(18e eeuw). In de onmiddellijke nabijheid daarvan
staat rechts de mooie 'Casetta
dei Da Ponte1, waarvan de
gevel met fresco's van Jacopo versierd is. Meer noordelijk
vindt men de Dom met zijn robuuste toren, binnen de
omheining van het Castello degli Ezzelini.
Oostelijk hiervan loopt langs de stadsrand de Viale
dei Martin met een prachtig uitzicht op het nauwe, door
bergen ingesloten dal van de Brenta ten noorden van de
stad. In Bassano zelf voeren over deze rivier twee
bruggen, waarvan één karakteristiek is voor de stad, de zg.
'Ponte Coperto', een middeleeuwse
overdekte houten brug, die al vele malen verwoest en weer
herbouwd werd (de laatste maal in 1948 naar een oud
ontwerp van Palladio). Aan
de westkant van deze brug treft u het Museo del Ponte
degli Aipini (open van 8-20 uur) aan: het is gewijd
aan de geschiedenis van de overdekte brug. Merkwaardig is
voorts nog de Tempio Votivo aan de zuidzijde van
de stad: een groot,
neogotisch bouwwerk, waarin 6000 gevallenen uit de eerste
wereldoorlog een laatste rustplaats vonden. Vanuit Bassano
loopt een ruim 31 km lange weg naar de top van de Monte Grappa (1775 m).
De maximale stijging is 12%: de
weg is niet moeilijk te berijden. De
Monte Grappa heeft een oorlogsverleden als
verdedigingsbolwerk van de Italianen tegen de
Oostenrijkers in 1917/18. Aan dit krijgsgeweld wordt u
herinnerd door het op de top aangelegde ossuarium, een
beenderhuis met de resten
van zo'n 25.000 strijders.
Bij helder weer kunt u van een geweldig panorama
genieten: in het noorden de Dolomieten (de Palagroep
en verder), in het westen de hoogvlakte van Asiago en in het zuidwesten reikt het zicht. met een
beetje geluk, over de Povlakte tot Venetië en de Adriatische Zee. 's Morgens
en degen de avond is de kans op goed zicht het grootst
omdat midden op de dag de Povlakte meestal met een
nevel bedekt is.