|

 |
ÅABENRAÅ |
Print
deze
pagina |
Database
Touring www.touringcarchauffeur.info |
 |
|

|
 |
Parkeren? |
|
 |
Bus WC leegmaken? |
|
 |
|
U weet waar de parkeerplaatsen zijn
en waar we het toilet kunnen leeg
maken voor busen/touringcars?
U kent een goed restaurant in deze
buurt waar we met grotere groepen
een stop kunnen maken?
De stad heet ook wel Åbenrå,
maar dat willen de inwoners zelf
niet. Ze staan dan nl. helemaal
achterin deense alfabetische
opsommingen omdat in Deense
woordenboeken de Å de laatste
letter is. De stad is tussen
1815-1945 fel omstreden geweest
vanwege de Duitse etnische
minderheid. De stad heeft een
aparte naam in het Duits
(Apenrade). Er schijnt een nogal
interessant museum met o.a.
scheepsmodellen en schilderijen
(zeegezichten) te staan, het is
echter niet op toeristen
ingesteld ( alles, ook de
website, alleen in het Deens).
Ook heeft deze stad met 22.000
inwoners enkele aardige oude
gebouwen in het centrum.
Åbenrå
Ondanks de aanwezigheid van
fabrieken aan de' fjord' is Åbenrå
geen echte industriestad: ook als havenplaats is het al lang
geleden voorbijgestreefd door Flensburg. 
De industrie floreerde sinds
de Middeleeuwen. luttele decennia na de stichting van deze
nederzetting, die kwam te liggen op de plek waar een
riviertje dat langs het hooggelegen stadje
Opnor stroomde, in de fjord uitmondde. De naam van de
nieuwe plaats lag voor de hand: Opnor~
(opnor = open grindstrand, á = rivier), dat later
werd gespeld als Abenrai en nu - conform de mode van deze
tijd - als Aabenraa. Opnor is van de
kaart verdwenen, Aabenraa nam de
strategische positie over. Er was een bloeiend gildeleven en
de Sleeswijkse hertog, de latere Valdemar
1, verleende de begeerde stadsrechten. Men leefde van
de visvangst, het brouwen van bier en de zeevaart. Niet
voor niets kwanten er drie makrelen voor in het stadswapen.
Ook ijzer, pek, zout, kruiden, mosselen en aardewerk vonden
hun weg naar verre havens. In de 17e eeuw kwant een
levendige handel op gang met liet Zweedse eiland
Gotland. Aabenraase schepen
verschenen in steeds verder gelegen havens en al gauw hadden
de koopvaarders een groot deel van de handel niet IJsland in
handen. Een gunstig feit was de neutrale houding van het
hertogdom Gottorf, waartoe de stad behoorde. Toch verliep de
strijd om Sleeswijk-Holstein uiteindelijk in het nadeel van
Åbenrå.
De Engelse oorlog (1807-1814) leidde tot de vernietiging van
een belangrijk deel van de vloot. Pas na 1850 volgde
herstel, met als gevolg een kortstondige hausse in de lokale
scheepsbouw. De aandacht van de reders ging toen vooral uit
naar de koopvaart op China. Een belangrijke plaatselijke
industrie kwam op gang met de stichting van de orgelfabriek
van Marcussen, later gevolgd door meer fabrieken.
Aabenraa (21.700 inw.) is altijd een
stad geweest met een sterke Duitse invloed. Kort voor 1920
waren de Duitsers zelfs in de meerderheid, wat leidde tot
een fanatieke, zij het vreedzame taalstrijd. Nu nog is
Apenrade (zoals de stad in het Duits heet) de plaats waar de
redactie zetelt van de enige Duitstalige krant in Denemarken
(Der Nordschleswiger) en zoals in andere Sønderjydse steden
is er een Duitse school. Voor de toerist is
Aabenraa niet meer dan een aardig, bescheiden stadje
niet een overduidelijk maritiem verleden - de 13e-eeuwse
parochiekerk is dan ook gewijd aan de schutspatroon van de
zeelieden, St.-Nicolaas. Het zaalkerkje werd enkele malen
uitgebreid tot het zijn huidige vorm kreeg. Het
belangrijkste interieurstuk is de altaarrafel uit 1642. Het
raadhuis (1828-1830) is een ontwerp van de bekendste
classicistische bouwmeester in Denemarken: C.F.
Hansen.
Van de oude straatjes in liet
centrum is de Slotsgade aan cle
zuidzijde het aardigste. Let maar eens op de pandjes op de
nrs. 14, 15, 28 en 29, alle daterend uit de 17e eeuw. Aan de
hoofdstraat staat het Aabenraa Museum
(H.P. 1-lansens gade 33 B; 1/6-3118
dag. beh. ma. 10-16 u., 119-31(5 idem 13-16 u.).
Uiteraard speelt in dit stadsmuseum de scheepvaart een
hoofdrol. Leuk is vooral de collectie van circa 200
scheepjes in flessen. De oudheidkundige afdeling gunt u een
blik op het skelet van 'de man van Nybøl'.
die in de Bronstijd leefde.
Menig zeekapitein uit
Aabenraa vestigde zich, nadat hij
voorgoed aan wal gebleven was, in een huisje op het
Lojtland, een schiereiland aan de noordzijde van de fjord.
Ook nu nog is dit onbekende stukje
Sønderjylland
een leuke plek om er even neer te strijken, bij
voorkeur aan de andere kant, aan de oever van de baai van
Genner. In de Genner
Bugt ligt het piepkleine Kalvo (over een dam
bereikbaar) waar in de vorige eeuw nog de grote scheepswerf
Åbenrå was gevestigd. Midden op het
løjtland ligt het kerkdorp Lojt Kirkeby;
de parochie is terecht trots op liet schitterende
altaarstuk van omstreeks 1520 niet de beeltenissen van
Johannes de Doper en de H. Erasmus, de Kruisiging, de
apostelen en de H. Anna omringd door vier andere vrouwelijke
heiligen. Ook hier vindt u de typisch Sleeswijkse fresco's
niet wijnrankmotieven.
Heeft u
aanvulling of verbeteringen . .
bus@touringcarchauffeur.info
www.touringcarchauffeur.info
www.coachdriver.info
|
|
|
 |